
Coronatijd kan voor de ander zo’n beladen onderwerp zijn dat je er maar beter niet over begint. Ook kan deze periode voor iemand juist positieve dingen hebben gebracht.
Coronatijd voelde als “alleen-op de-wereld-tijd”, als Remi, op jezelf aangewezen zijn, zonder dat je wist waar het naartoe ging. De details zal ik je maar besparen, het was veel. Te veel. En het duurde jaren om er weer een beetje bovenop te komen. Met als restverschijnsel post-covid-achtige klachten erbovenop waar je u tegen zegt. En… een boek.
Fragment uit het boek lezen? Scroll direct naar onderen.
Interessant boek maken? Bijna iedereen ging ineens schrijven.
Daar kwamen mogelijk hele mooie en bijzondere verhalen uit voort.
In de ochtenduren zat ik te typen, onder het dekentje gezellig met een van de poezen erbij, de dampende kop koffie en een schaaltje met gesneden appel ernaast. Het was nog donker en in de verte zag je af en toe de flitsende koplampen van een eenzame auto op de dijk. Mensen die per se naar buiten moesten, moesten wel. Zij konden niet veilig thuiswerken en werden voor de leeuwen gegooid. Niet wetende of ze aangestoken zouden worden en of het mondkapje wel oké genoeg was. In de eerste golf waren er nog geen zelftesten en vaccins. En je mocht niets. Daar was ook gedoe om, in het begin. Verkeerde mondkapjes, of verkeerd gebruik, het was allemaal niet zonder risico. Nog steeds niet trouwens, voor sommige personen (maar daar heb ik het nu even niet over).
Door de mondkapjes kon je niet liplezen. Je werd nog meer bewust van wat je niet of wel kon.

Het verhaal begon in coronatijd
Het verhaal dat ontstond was eerst wat te kort voor een heuse roman. Het leek op een novelle. Later kwam er meer bij omdat ik meer inspiratie kreeg en werd het verhaal een boek waarin veel mensen zich herkennen. Mensen vanuit verschillende situaties, van allerlei leeftijden.
Het verhaal heb ik geschreven vanuit het perspectief van de muzikale Annie, die zo nu en dan teruggaat naar haar jeugd in de jaren zeventig waarin bell-bottom broeken, plaatjes draaien en John Travolta met zijn Olijfje populair waren.
De tegenwoordige tijd en het verleden wisselen elkaar af. Het is alsof je het zelf beleeft als je het leest. Je leeft met Annie mee. En ondanks de drama is het boek ook positief, zelfs luchtig, te noemen.
Is het boek iets voor mij?
Als belangstellende kan het altijd leuk zijn om te lezen, natuurlijk. En als je fanatiek tegen pestgedrag bent, iemand kent met gehoorverlies of het zelf hebt, of je doet iets op dat gebied – voor school, werk, of waar dan ook – dan kan het boek ook interessant zijn. Het is geen zelfhulpboek met oefeningen, maar een romantisch verhaal die je bij bepaalde zaken stil doet staan.
Deze ontroerende roman is er in paperback en pdf-ebook.
Fragment uit Hoe is het met Annie?
Mien appt dat ze had gehoord dat ze komt en dat Eef met dat groepje zou meerijden. “Dat groepje” is het vaste kliekje. Het kliekje van de brutalen, de wijzen, de populairste meiden. Het kliekje dat vol was van zichzelf en ver boven iedereen uitstak met hun grote ego’s. Ego’s waarvan ik me afvraag wat er van geworden is. Maar we zijn nu toch geen schoolkinderen meer, en al lang volwassen?
Vanuit mijn nieuwe woonplaats zak ik af naar de oude, zenuwachtig, met vochtige handpalmen, ondanks de koele wind die door mijn haren raast in… (lees verder in het boek).
Niet wegdrukken maar erover *praten, en een plek geven. Jij bent het waard. Zij zijn de daders, niet jij.
Erover *praten met iemand die goed naar je luistert zonder direct te oordelen, of in de rede te vallen. Die objectief kan zijn, of eventueel tips kan geven of kan doorverwijzen, als je daarom vraagt. En tenslotte: geef pesters geen podium!
